zaterdag 16 juni 2018

Ik weet zeker dat hij erbij is

Mijn vader vond het altijd een beetje jammer dat zowel mijn moeder als ik niets van het spelletje voetbal snappen. Mijn vader keek vroeger samen met zijn vader en 3.5 jaar oudere broer naar voetbal. Vaak vertelde hij dat de afspraak was dat ze alleen de eerste helft mochten kijken en dan naar bed moesten. In de pauze dronk hij met kleine slokjes zijn limonade op, probeerde geen geluid te maken zodat hij misschien toch die tweede helft mocht kijken. Helaas, net voor het fluitsignaal van de tweede helft moest hij dan toch enigszins teleurgesteld naar bed.
Een blauwe zaterdag heeft hij zelf op voetbal gezeten, maar met een spierziekte was dat geen daverend succes, zelfs niet als keeper. Dus wisselde hij de voetbal in voor de reddingsbrigade op het strand van Scheveningen.
Later bezocht hij regelmatig wedstrijden van ADO Den Haag waar hij als jonge jongen de lege flesjes verzamelde en inleverde voor geld.

Vele jaren later werkte hij bij PKF en vanuit die functie waren we een weekeinde in een hotel. Die zondag wonnen we het EK, ik was toen 6 jaar. Laat in middag reden we terug naar huis, op alle bruggen en viaducten stonden uitbundige mensen te zwaaien. Nederland vierde feest en wij vierden dit toeterend in de auto mee. Ik versierde de achterbank met roze wc papier, aan de antenne hing een voetbal en uit het raam de Nederlandse vlag.
Ik werd ouder en keek sommige wedstrijden mee, uit solidariteit. Nu keek ik niet echt mee voor het voetbal, maar voor de tompoes want die traditie hielden we in ere. Meekijken mocht als ik mijn mond maar hield en geen domme vragen stelde over buiten spel, de belijning op het veld of de tegenstander. Het laatste EK keken we wedstrijden samen en trokken onze oranje shirts aan, pap met zijn oranje Unox muts en sjaal. Het commentaar luisterden we op de radio, Jack van Gelder uitzinnig als er werd gescoord. Aan Evert ten Napel had pap een hekel dus die ging gewoon uit. Ma verzorgde de catering en wij becommentarieerden het spel. Samen genoten en schreeuwden als er een doelpunt werd gemaakt.
Enkele dagen geleden is het WK 2018 begonnen, Nederland doet niet mee. Laatst bij het opruimen van mijn kast kwam in mijn oranje shirt tegen met de leeuw van Nijntje erop. Het shirt van pap zit in de deken vol herinneringen, de unox muts en de sjaal liggen bij mam in een lade. Daar blijven ze voorlopig liggen.

De afgelopen 17 maanden is alles veranderd. Soms ben ik pap zo kwijt dat het lichamelijk pijn doet. Ik verdwaal steeds in het dagelijks leven. Vandaag zette ik de tv aan, voetbal vulde niet alleen het scherm maar ook mijn hoofd met herinneringen. Het beeld; Pap samen met zijn vader zittend op het randje boven het stadion vulde mijn hart met liefde. Daar geen Evert ten Napel. Met een lach op mijn gezicht pak ik de afstandsbediening en zet Netflix op… 


woensdag 13 juni 2018

Wapperende vlaggen met rugzakken

Opstarten is een uitdaging vandaag. Om een uur of 4 heb ik mezelf voldoende gemotiveerd om boodschappen te doen. Ik pak een boodschappentas en blijf herhalen wat ik nodig heb ondanks dat ik het ook in mijn telefoon heb gezet. Als ik buiten kom zie ik de eerste vlaggen met rugzakken eraan op de gevels hangen, het voortgezet onderwijs krijgt vandaag te horen of ze geslaagd zijn. Voor de geslaagde kandidaten gaat er een nieuwe tijd in, ander onderwijs, keuzes maken voor later, maar eerst het grote genieten. Mijn gedachten dwalen terug naar 20 jaar geleden, bij ons geen vlag. Ik had er met mijn pet naar gegooid en ondanks dat ik echt mijn best had gedaan was leren niet aan mij besteed. Veel liever was ik buiten of aan het oppassen bij de buurkinderen. De vakken Frans, Nederlands, economie, Engels, geschiedenis en aardrijkskunde konden me weinig boeien. Wat maakte mij het uit hoe de aardlagen heten of wat het verschil is tussen kwaliteit en kwantiteit. Mijn vader deed reuze zijn best me nog enige kennis bij te brengen maar vaak draaide dit uit op een boze puber die naar boven stampte schreeuwend dat ze het zelf allemaal wel kon. In de tijd tussen het laatste examen en de uitslag ben ik met mijn ouders en oma naar Florida geweest. Mijn ouders vonden dat ik mijn best had gedaan of ik nou geslaagd was of niet ik had een reis verdiend. De uitslag zou worden doorgebeld. Ik geloof dat ik gewoon buiten was met de buurkinderen toen mijn moeder me riep en me vertelde dat ik een her moest doen. In plaats van een 5.6 had ik een 5.3 gehaald voor Engels. Ik was in mijn hoofd zo druk bezig geweest met de aanstaande reis dat ik bij meerkeuze vragen zelfs drie maal een F had ingevuld terwijl ik kon kiezen uit A, B, C en D. Een paar dagen dompelde ik me weer onder in de Engelse teksten, een 5.6 zou haalbaar moeten zijn. En zo deed ik een her. Deze keer pakte het beter uit en zo hing ik op een woensdag ochtend samen met mijn beste vriendin de vlag met rugzak aan de muur. Ik was blij dat ik de MAVO kon verlaten en eindelijk op het MBO kon gaan doen wat me daadwerkelijk interesseerde. Helaas lukte SPW 4 niet door een inflexibel bestuur die een leerling met een spierziekte maar ingewikkeld vond en zo kwam ik een half jaar thuis te zitten. MBO 3 in Zoetermeer deed ik op mijn sloffen, direct er achteraan HBO MWD wat ik cum laude haalde. Daarna Pedagogiek op de universiteit, maar vond ik een baan en besloot daarvoor te gaan. Jaren later deed ik een Pre Master deeltijd studie waar ik, naast mijn baan, hard voor moest studeren en ook dit haalde ik! Vandaag zie ik de vlaggen hangen, dwalen mijn gedachten af naar alles wat er is, geweest is en waar ik nu ben.

Met trots kan ik vertellen dat ik binnenkort een nieuwe uitdaging start; als ambassadeur VN verdrag voor het Rijk. Ik ga me in zetten voor fysieke en technologische toegankelijkheid van de overheid. Vandaag wapperen en stralen de vlaggen ze hangen er ook een beetje voor mij…

woensdag 23 mei 2018

500 dagen gemis ik blijf tellen

500 dagen moeten we je missen.
500 dagen geleden veranderde alles in een paar seconde.

Het leven is langzaam weer wat terug in vorm gekomen, ineens was alles veranderd maar niets daadwerkelijk anders. We stonden erbij en keken ernaar terwijl de dood aanklopte, je kuste en zo plotseling en veel te vroeg meenam naar daar waar wij niet zijn. Al die eerste keren waren veel te ingewikkeld in mijn hoofd, de keren zonder jou, ik bleef achter volledig uit balans gebracht. We zijn nu de tweede keren zonder jou begonnen, onze verjaardagen zijn geweest en jouw verjaardag is nu je geboortedag geworden, maar ook tweede keren zijn vreselijk. Ik weet niet of je bent of was overleden, zelfs in taal is er niets wat dit gemis weet te omschrijven. Wat een ontzettende grote lege plek heb je achter gelaten niet alleen fysiek maar juist in dategene waar nou net geen passende woorden voor zijn. Dagelijks vertel ik anderen om mij heen over jou, soms alleen over de dagen na je overlijden waarin ik iedere seconde van die dagen nog steeds na kan vertellen alsof het gister was. Vaak gaat het gesprek ook over gedeelde herinneringen of schiet er ineens iets in mijn gedachte wat me aan jou laat denken. Er is nog geen dag voorbij dat ik niet aan je heb gedacht. Het fysieke gemis daar kan ik wel mee omgaan. Ondertussen weet mijn hoofd en lijf dat je er echt niet meer bent als ik bij mam op bezoek ga. De tranen en het verdriet zitten juist in die kleine dingen die ik voor mij als zo normaal met je deelde. Laatst stond ik met -6.5 graden ergens langs de kant van de weg met een lekke autoband. Nadat ik van de eerste schrik was bekomen en een veilige plek had gevonden was mijn eerste reactie om jou te bellen. En daar om 7.00 uur in de ochtend kwam het gemis als een golf over me heen. Een paar dagen geleden werd ik gebeld dat mijn nieuwe functie door gaat, natuurlijk sprong ik een gat in de lucht van blijdschap, maar besefte me ook dat ik normaal jou zou bellen, taart zou halen en die dag een feestje zou vieren alleen die donderdag bleef het stil in mij.
 Als ik je verschrikkelijk kwijt ben dan zoek ik de maan. In mijn hoofd praat ik tegen je omdat ik wil geloven dat je me kunt horen. Ik snap natuurlijk ook wel dat je mijn vrouwengezeur wel eens zat bent, maar ja nu kun je de hoorn er niet op leggen. In alles weet ik dat je ontzettend trots bent. Soms is het zo zoeken naar de connectie met mam. Het verdriet, de golf van rouw wordt anders omdat ik nu het begrip nooit meer tot in mijn tenen kan voelen. De dagelijkse tranen zijn veranderd in een raar soort heimwee wat heel voelbaar blijft.

500 dagen zonder jou zijn 500 dagen met een grijs randje.
500 dagen zonder jou is 500 keer wakker worden en hopen dat dit een nachtmerrie is.
500 dagen zonder jou is vallen en langzaam weer opstaan.
500 dagen zonder jou is tellen van de dagen die ik je mis...

maandag 19 februari 2018

Zielsveel houden van tot ik je los moet laten

Ze kwakkelt met haar gezondheid de laatste weken. Als we binnenkomen beginnen ze net aan de avondmaaltijd. Ze slaapt diep, de verpleegkundige maakt haar zachtjes wakker, kijk eens visite voor u. Eerst moet ze flink met haar ogen knipperen voor ze ziet dat ik naast haar zit. De oude intens helder blauwe oogjes beginnen te stralen, ze pakt mijn hand. Ik plant een kus op haar voorhoofd. We nemen haar mee naar de serre, daar kunnen we rustig zitten, de boterhammen met jam in stukjes zonder korstjes worden naar haar toe gebracht. “Kijk ik word echt seniel, brood in stukjes en zonder korstjes” ze moet er zelf om lachen. De vork schuift ze snel aan de kant, brood eet je met je handen! Ze hoest de longen uit haar oude lijfje, zo hard dat ik bang ben dat ze er een hersenbloeding aan over houdt. Als de ergste hoest voorbij is vraag ik of ze een slokje water wil. “dat hellupt niet”, zegt ze nog proestend. Ik weet dat het niet helpt, want dat helpt al jaren niet, toch blijf ik het vragen. De boterham is op, vingers onder de kersenjam maar die smeert ze af aan haar broek. De verpleegkundige vraagt of ze een mandarijntje wil. Daar heeft ze wel oren naar. Even later arriveert er een bakje. Een voor een pakt ze de partjes op en stopt die in haar mond. De harde velletjes spuugt ze uit; “Die zijn vies!”
Als ze klaar is met eten en velletjes rondspugen ga ik dicht naast haar zitten en sla mijn arm om me heen. Ze gaat wat verzitten zodat ze dicht tegen me aan komt. Op mijn borst voel ik haar lijfje wat moeite moet doen om voldoende zuurstof binnen te halen. Ze ademt met alle spieren die ze heeft, toch voel ik haar een beetje ontspannen. Hoe vaak heb ik op precies dezelfde manier ziek tegen haar aan gehangen? Hoe vaak heeft ze uren naast mijn bed in het ziekenhuis gezeten samen vechtend tegen mijn angstige ziekenhuis draken? Zij maakte samen met mijn ouders mijn wereld veilig, ik kon schuilen als een kuiken onder moeder kip. En nu zijn de rollen omgedraaid, zij is 96 en ik 35. Ik nog een half leven voor mij, zij terugblikkend op dat wat er allemaal is geweest. We halen herinneringen op, ze weet er nog veel, die ze aanvult. Zachtjes zing ik een liedje wat ze mee probeert te neuriën, ik hoor haar benauwd piepen. Samen zo verbonden, konden we maar altijd zo samen blijven zitten! De wereld om ons heen draait gewoon door, maar die sluiten we nu buiten. Even geen hulp nodig van anderen, op onze eigen manier zo afhankelijk en soms zo strijdend voor de dingen waar we nog wel regie over hebben.

“Ik mis Eddie, mijn zoon”, zegt ze ik voel de droge snik in haar ademhaling. Ik voel dat mijn eigen tranen op haar dunne grijze haren druppen. Ze pakt mijn hand nog steviger vast. “Oma heb je een zakdoek?” vraag ik haar. Met haar linkerhand voelt ze aan de leuning van haar rolstoel en zoekt naar het hengsel van haar tas. Als ze hem heeft trekt ze haar tasje op schoot, maakt de magnetische drukker open. En ineens zie ik het een netjes uitgepakt pakje zakdoekjes in het vakje waar ik mijn mobiel in zou vervoeren. Mijn hart stroomt over van liefde, ik hou zielsveel van haar, heb altijd van haar gehouden en zal altijd van haar blijven houden. En ik weet dat er een einde aan komt, dat ik haar los zal moeten laten, maar nu nog even niet. 

Mijn dappere, stoere, sterke oma!    

vrijdag 19 januari 2018

Model in de sluier van verdriet

Het moet echt weer anders meld ik haar. Samen zoeken we zorgvuldig een kleur uit. Niet te rood he?! Gelukkig weet ze dat ik dat niks vind, want ik mopper nog steeds over de te rode haren in de week dat pap overleed. Achteraf had ik gewoon terug mogen komen alleen heb ik daar toen geen moment bij stil gestaan. Het net wat teveel koper was ook niet vreselijk en ik kreeg veel complimenten en toch was het net even the out of the box. Ze haalt mijn haar uit het elastiek waar sinds een paar weken echt alles in past. Vandaag even snel alles bij elkaar gepakt door degene die mij vanmorgen heeft aangekleed. Ik had geen zin om er veel aandacht aan te schenken, was er klaar mee. 
In een doorzichtig plastic bakje zit een groenig megsel wat ze zorgvuldig in mijn haar smeert. Met een beetje benauwde stem vraag ik haar of het echt de juiste kleur is. Ze moet lachen, nog wat folies met een lichtere kleur. Als ze klaar is zie ik eruit als het zusje van animal de drummer van de muppets. Een stapel roddelbladen en een kop thee helpen me door de wachttijd heen. Het groene spul prikt op mijn hoofdhuid, ik hoop altijd dat het er snel weer uit mag. Het verlossende woord, ik mag mee naar de wasbak. Met schoongewassen haar neem ik weer plaats voor de spiegel. Het moment is daar; de schaar en het mes! Al snel verdwijnen mijn lange zorgvuldig gespaarde haren. Met kerst een staart dat was het streven, wat ooit begon als grap werd realiteit. Terwijl ze rustig doorknipt gebeurt er iets in mij; een mix van verdriet, gemis, blijdschap en kracht overvalt me plotseling. Ineens weet ik het? Besef ik me dat mijn lange haren bij rouw horen, futloos en makkelijk zonder er echt aandacht aan te besteden. Ze horen bij verdwalen. In de ingewikkeldheid van het afgelopen jaar. Hoe duidelijker mijn nieuwe haarstyle wordt hoe anders de zekerheid lijkt te zijn op het pad wat ik nu ben ingeslagen. Dat ik na twaalf donkere maanden verdwalen weer kleine lichtpuntjes kan zien. De zware bubbel waar ik me mee had verzoend wordt minder dik.
Als ze zorgvuldig de laatste hand aan mijn nieuwe style legt ben ik ineens klaar met mijn overdenkingen. Ik voel weer wat vertrouwen heel diep van binnen. Mag ik meehelpen met de haren bij elkaar vegen? Vraag ik als de kapmantel af gaat. Secuur en in opperste concentratie veeg ik tot ik niets meer zie. Daar ligt een hoopje rouw, mijn hoopje rouw. Ik kijk er beduusd naar en voel de steek van intens gemis. Het gemis blijft. Soms mixt mijn hoofd het gevoel van gemis met paniek. Dan ben ik pap ineens helemaal kwijt, weet ik niet meer hoe hij eruit zag, hoe hij sprak en hoe hij voelde. En toch weet ik dat ik hem kan vinden als ik alleen maar in de spiegel kijk. Want daar, in mij, liet hij een stuk van zichzelf achter. Misschien wel het mooiste stuk. Ik heb dezelfde ogen en ik krijg zijn trekken om mijn mond, daar kan ik toch alleen maar ontzettend trots op zijn?!


Blij verlaat ik de kapper en de tranen komen vanzelf als ik thuis ben. Kleine stapjes, kleine stapjes maken dat ik langzaam weer opkrabbel. Er zit wat model in mijn sluier van verdriet. 

zaterdag 13 januari 2018

Eerste keren worden tweede keren

Het jaar is om, alle eerste keren voorbij. Een jaar waarin ik op plaatsen ben geweest waar ik nog lang niet had willen komen. Daar zaten we verslagen in het uitvaartcentrum, reed ik als eerst auto achter een rouwwagen aan, zat ik op de voorste rij in de aula van het crematorium, stond ik bij de drukker om de bedankkaarten op te maken. Een woeste orkaan kwam hard door ons leven. Het jaar verstreek, alle eerste keren zonder pap. Stof dwarrelde maar langzaam neer en het duurde een tijd voor we de schade konden opnemen. Lege plekken, gemis, spullen die onaangeroerd in de kast bleven liggen en vooral die oorverdovende stilte. Ik wilde alles vasthouden want ik was bang te vergeten. We vielen vaak en stonden we maar langzaam weer op. Het leven ging door, de normale dingen werden ineens heel ingewikkeld, soms zelfs zinloos. Vrienden bleven dichtbij me, vroegen hoe het met me ging, stuurden kaartjes of appjes en lieten steeds weten dat ze er voor me waren. Vaak belden we, haalden we herinneringen op, sprak ik ze op momenten die te verdrietig waren. Soms stuurde ik midden in de nacht een appje omdat het donker zo donker was. Andere vrienden haakten af, hoorde ik nauwelijks wat van. Voor hen was mijn verdriet misschien te ingewikkeld. Mijn rouw leek te groot voor hen. Te ingewikkeld om te horen hoe het met me ging. Ik voelde pijnlijke teleurstelling. Hun leven ging door en we groeiden uit elkaar. In tijden van nood leer je je echte vrienden kennen. Ik veranderde en maakte andere keuzes. Stond niet meer op de barricade te schreeuwen maar kon nu met mildheid naar situaties kijken. Niet in staat om dat kleine beetje energie wat ik had ook nog te verspillen. Ik leerde nieuwe mensen kennen waar ik mijn verhaal kon doen, waar ik mezelf kon zijn, waar ik mijn verhaal keer op keer mocht delen. We lachten. Huilden. Verwonderden. Ik stoeide met grote levensvragen, was bang dat mijn mam net zo plots zou vertrekken als mijn pap. Niemand kon me daarin geruststellen, ik wist keihard wat het leven kon doen terwijl je andere plannen maakt. Ik verloor de controle die ik zo hard bleef vasthouden, wat ervoor zorgde dat ik echt voor mezelf moest kiezen. Ook hierin weer aan vele kanten begrip terwijl ik niet eens onder woorden kon brengen wat er met me aan de hand was, zo was er alles, maar ook niets. Mijn tranen waren ontelbaar, vaak op die kleine onverwachte momenten. Een liedje in een winkel op de radio, een man in een scootmobiel met een blauwe jas, een geur er waren triggers die me weer lieten wankelen. Ik was mijn eigen balans totaal kwijt. Soms kon ik me vermannen en stapte ik boos op mijn fiets om na een paar kilometer uitsloven rustig te worden. Ook was ik verloren, ontheemd en verdwaald. Niets lukte echt. De dagen regen zich als vanzelf aan elkaar zonder dat ik daar erg in had. Mijn hoofd kon niet wennen aan de nieuwe situatie. Vaak vroeg ik me af waar mijn kinderverdriet zat? Waar rouwde ik om? Wat is rouw voor mij? Uiteindelijk gaf ik al deze overpeinzingen op, het had geen zin, er kwam geen antwoord waar ik tevreden mee kon zijn. Het is zoals het is. Ik was beland tussen liefde en leegte wat weer nieuwe inzichten gaf. Ik maakte een adoptie familie met broers, zussen, ooms en tantes. Ik had zelf weer wat energie voor de dingen die ik belangrijk vond. En op de donkere dagen waarop de zon uitbundig kon schijnen zocht ik naar pap, die ik vond als ik naar de maan en de sterren keek. Dan wist ik diep van binnen dat hij niet echt weg was en dichtbij ons was.


Want houden van de maan en terug is liefde in het kwadraat. Morgen gaan we alle tweede keren in waarin we ook zullen vallen alleen weet ik nu dat we ook altijd weer opstaan…