zondag 27 januari 2019

Je gaat zelfs mee skiën

Voor het eerst in mijn leven ging in een week op wintersport in Oostenrijk...
De sleeplift trekt ons in een best gangetje naar boven. Een koude wind raast fel om me heen. Ik trek mijn sjaal nog wat verder op m mijn mond en neus te beschermen. De verse sneeuw knerpt klagend onder onze ski’s. Nog maar weinig mensen zijn ons voorgegaan in de lift en de sneeuw zoekt zijn weg zonder al te veel moeite te hoeven doen. Ik doe mijn best mijn balans te houden, tegelijkertijd overvalt me een enorme stilte Verwonderd besef ik dat ik in een wondere wereld ben beland. Nooit eerder heb ik zoveel sneeuw gezien en er dwarrelt nog meer naar beneden. Eenmaal boven aan de piste is het gedaan met de stilte. Met de skileraar bespreken we het eerste punt waar we wachten voor verdere uitleg. Eerst maar genieten van het eerste stukje afdaling. Zodra mijn ski zich in beweging zet vergeet ik dat ik de baas ben en glij ik als vanzelf naar beneden. Mijn begeleider maakt mooie grote bochten, gelukkig houdt hij zijn hoofd erbij want ik doe even niets meer. Ik geniet van het maagdelijke witte landschap, de beweging van mijn ski en het geluid van de ski’s op de sneeuw. Na de uitleg van de skileraar is het aan mij om op balans en een beetje techniek netjes naar beneden te skiën en vooral niet te hard. Ik voel hoe de concentratie in mij groeit, hoe ik controle krijg over mijn zitski door mijn lichaam van links naar rechts te bewegen. Als we te hard gaan beweeg ik mijn bovenlijf naar de berg toe om wat snelheid te minderen en zo netjes de bocht in te sturen. Het vertrouwen in mijzelf groeit door de aanmoedigingen van mijn begeleider, de skileraar en de anderen uit mijn skiklas. Ik geloof er niets van als ze zeggen dat ik kleine stukjes zelf ski. Dat zou ik toch nooit kunnen? Sommige stukken heb ik lak aan alle aanwijzingen van de skileraar en denderen we gewoon hard naar beneden. Heerlijk die wind langs mijn wangen en tegelijkertijd kan mijn lijf kan zich even ontspannen. De spierpijn wordt na een aantal dagen skiën niet minder maar dit drukt geenszins mijn plezier. Mijn begeleider en ik raken steeds op elkaar ingespeeld, we communiceren over de te nemen bochten en over het meerderen of minderen van vaart. Eenmaal weer in de lift is er tijd voor een serieus gesprek. We hebben het over de gezinnen waar we uitkomen, over de werkzaamheden die we doen, dingen die we ingewikkeld vinden in het dagelijks leven. De sneeuw is gestopt en het grijze wolkendek heeft plaats gemaakt voor een blauwe zonnige hemel als we weer boven aan komen. Terwijl we de berg afrazen zie ik de maan recht voor me terwijl de zon in mijn rug schijnt. Ik voel hoe de glimlach over mijn gezicht glijdt.

Er zijn dagen donker grijs waarin het gemis te groot blijft. Waarop ik verdwaal en je blijf zoeken. Ik zal je nooit loslaten en zoeken naar de maan. En de week waarin ik op een zitski viel en weer opstond was je er ook bij. Waar ik dit leven ook ga, wat het leven me nog brengt ik weet zeker dat je er altijd bij bent. Pap, ik hou van jou, ik hou van jou tot aan de maan en terug…     


woensdag 2 januari 2019

Mijn rouw olifant

Bij een lezing werd me verteld dat bij rouw een olifant hoort. Nu weet iedereen in mijn omgeving dat ik dol ben op olifanten en er het liefst een in de tuin zou hebben. Ik kan in Afrika uren kijken naar zo’n kleintje die stoer de staart van zijn moeder vasthoud en aar zo gezellig volgt. Moeder pakt af en toe was gras of rukt wat takken van een boom. Alles gaat in harmonie, rustig en doordacht. Olifanten zijn intelligent, sociaal en gaan hun eigen gang. Mijn rouw olifant gaat volledig zijn eigen gang. Er zijn momenten dat hij lekker ligt te slapen in een hoekje van de kamer. Er zijn ook momenten dat hij groot staat te toeteren in de kamer en niet te negeren valt. Hij gaat overal met me mee en overvalt me ook op plaatsten die niet altijd even handig uitkomen. In de supermarkt, bij een liedje op de radio met herinneringen of gewoon als er even niets aan de hand is. Mijn olifant zorgt vaak voor vele tranen als het gemis me weer eens overspoeld.

Op oudjaarsavond keek ik samen met mam wat doelloos naar de tv. We wachten op het nationale aftelmoment. Verzonken in gedachten tikken de laatste minuten weg. Mijn olifant heeft de hele avond rustig liggen slapen maar nu is hij wakker en eist aandacht. Nog 30 seconden en we gaan 2019 in. Ik probeer mezelf af te leiden en niet toe te geven aan de golf van verdriet die nu in rap tempo vanuit mijn tenen naar mijn hoofd raast. Ik doe mijn best de olifant weer stil te krijgen. Bijna smekend vraag ik hem stil nog even onzichtbaar te zijn. Nog 20 seconden te gaan en ik voel hoe de tranen zich, in groepjes van minstens tien verdringen, achter mijn ogen. Olifant staat nu groots in de kamer en beneemt mij de adem. Kom op, niet huilen spreek ik mezelf toe. Bij het ingaan van de laatste 10 seconden zie ik al niets meer. Als er nog 6 seconden te gaan zijn stort ik mezelf in de armen van mijn moeder. Snikkend, snotterend geef ik toe aan het verdriet, de olifant heeft zijn aandacht en toettert hard in mijn oor. We houden elkaar stevig vast, zoals zo vaak de laatste tijd. Dan zijn er geen woorden maar inmens verdriet en tranen. De eerste 10 minuten van het nieuwe jaar gaan aan ons voorbij. We sluiten de wereld buiten, het uiteenspattende vuurwerk zien we niet eens. Konden we zo maar voor altijd blijven zitten, zou dit maar een kleine pleister zijn op de wond die rouw bij ons heeft gemaakt. Ondertussen ligt mijn olifant weer rustig en tevreden te slapen. Hij wacht op het volgende moment dat hij weer nodig is. Voor nu zit zijn taak er op.

Na het plotselinge overlijden van mijn vader kwam deze olifant in mijn leven. Gelukkig hou ik van olifanten…


maandag 31 december 2018

Oliebollen feest


Ik ben opgevoed met de zelfgemaakte oliebollen van mij moeder. Als kind moest ik kiezen; ik speelde in de gang of in de huiskamer, want het beslag moest rijzen bij de verwarming en dan mocht de deur niet steeds open. Nieuwsgierig keek ik mee hoe hoog het was geworden. Bij de zwarte pan met olie op het gasfornuis wat duw en trek partijen als mijn vader thuis was op oudjaarsdag. Een van ons kreeg de eerste vers gebakken oliebol met een beetje poedersuiker. En voor die eerste deden we alles. Terwijl pa en ik stonden te eten ontstond er langzaam een berg oliebollen die we met z’n drieën niet eens op zouden krijgen in twee weken. We deelden er een aantal uit bij buren, reden naar oma (die ze tussen de verwarming stopte om ze warm te houden) en daarna door naar een aantal oudjes waar mijn moeder werkte. Daarna ging mijn moeder douchen en ik buitenspelen. Zo hebben we oudjaarsdag jaren doorgebracht. Soms moest pa werken dan was ik nooit te beroerd hem even te bellen als ik de eerste hap op had. Later moest ik wel eens werken en kreeg ik smsjes of appjes met foto’s van hem. Er kwamen jaren dat pap en ik rustig de top 2000 luisterden en geduldig wachten tot we beide een bordje mochten komen halen. Nadat mijn vader en ik een maagverkleining hadden ondergaan bleef mijn moeder stug doorbakken, het maakte haar niet uit dat we er nog maar 3 of 4 oliebollen aten. Ze bakte 1 of 2 pakken. Toch stopte ze er mee, te veel werk, het hele huis stinkt en jij bent er toch niet met oudejaarsavond. Ze had gelijk maar ik miste de familie traditie. Zelfs de oliebollenpan werd weggedaan, er ging een streep door het oliebollentijdperk. Ieder jaar probeerde ik weer of ik ma zo gek kreeg toch nog een keer te bakken, maar mijn smeekbedes hielpen niet. Er werden appelbignets bij de bakker gehaald en zo vierden we oudjaarsavond. Toen begin 2017 ineens alles veranderde stelde mijn moeder een paar dagen voor oud en nieuw voor of het een goed idee was als zij weer oliebollen zou bakken. Ondanks het verdriet, gemis maakte mijn hart een sprongetje. Zo zat ik vorig jaar in de kamer toen het beslag stond te rijzen, keek ik mee naar het bakproces in de friteuse en at ik de eerste oliebol. De tranen stroomden over mijn wangen en het gemis was tot in iedere vezel voelbaar. Maar juist deze traditie is zo’n groot deel van mijn leven en mam heeft er weer nieuw leven in geblazen. Terwijl ik dit blog typ kijk ik steeds op de klok. Om 13.00 uur gaat dit jaar het oliebollen-bak-festijn los en het kan natuurlijk niet zo zijn dat ik te laat kom. Nu weet ik dat ik de deur voorzichtig open moet doen, de kamerdeur niet open moet laten staan. Nog steeds nieuwsgierig naar de hoogte van het beslag sta ik zo dadelijk naast de pan te popelen. De eerste oliebol delen we Samen. We proosten ermee op het leven, op alle herinneringen maar ook op alles wat nog komen gaat. Ondanks dat alles echt veranderd is blijft het fijn als er heel soms dingen hetzelfde zijn!

zondag 9 december 2018

wereld lichtjesdag

Op de begraafplaats hangt een serene stilte. Ik weet nooit zo goed hoe ik me op een begraafplaats moet voelen; een soort angst bekruipt me daar. Het voelt raar om langs de graven te lopen waarop ik alleen namen en wat data kan lezen. Het voelt alsof ik ergens kom waar ik niet mag zijn. Maar ook niet wil zijn, deze plekken betekenen intens verdriet. Voor velen is alles echt veranderd en zij hebben dierbaren hier achter moeten laten. Juist die dierbaren die altijd mee naar huis moeten, die nooit gekust kunnen worden door de dood. En toch kwam, zag en overwon hij.
Vandaag is het een speciale dag op de begraafplaats er branden honderden kaarsjes voor hen die een lichtje zijn verloren. Verhalen mengen zich met tranen over datgene wat er had kunnen zijn. Met elkaar delen we dat wat niet uit te spreken is, waar geen woorden aan te geven zijn, maar wat je direct herkent als je er plotseling mee te maken hebt. Rouw houd je vast en laat je niet meer los. Het ene moment is er niets aan de hand en het volgende overvallen de tranen je op de meest onhandige momenten. Ik heb wat kaarsjes en waxinelichthouders meegenomen, de harde oostenwind blaast mijn kaarsje steeds weer uit. Ik geef het niet op en weet uiteindelijk een plekje te vinden waar mijn vlammetje geen last heeft van de wind. Gelukt, vandaag mag het kaarsje niet uitwaaien, nu nog niet.  
Mijn gedachten dwalen af naar mijn oma, zij verloor een van haar twee lichtjes. Er zijn dagen dat oma niets meer weet van het verlies en ons vraagt waar Eddie blijft. Er zijn dagen dat ze fluisterend aan mij vraagt hoe het met mijn moeder gaat want zij weet hoe het is om een partner te verliezen. Er zijn dagen dat ze mijn hand pakt en opmerkt dat het niet makkelijk is om je vader te verliezen. We knuffelen haar, halen verhalen op, maar proberen haar niet zo verdrietig te maken. Diep van binnen weet ze dat er een gat in haar moederhart zit wat nooit meer zal helen. Mijn oma verloor haar vader, haar man en haar zoon. Ze zijn weg maar ook zo aanwezig.

En zo brand ik vandaag een kaarsje op wereld lichtjes dag en verlichten we met z’n allen de donkere December maand…  


zondag 8 juli 2018

Anderhalf jaar rauwe rouw

Al anderhalf jaar,
Al 18 maanden,
Al 78 weken,
Al 547 dagen,,
Al 13128 uur …

Het is half 3 als ik besluit dat ik voldoende rondjes in bed heb gedraaid en de slaap maar niet wil komen. Mijn gedachten dwalen steeds terug naar anderhalf jaar geleden. Anderhalf jaar geleden was het vrijdag 6, zaterdag 7 en zondag 8 januari.
7 januari 2017 de avond waarop mam me wakker belde en vertelde dat mijn vader overleden was. In een nanoseconde stortte mijn leven in, werden mijn nachtmerries simpele overwinbare angsten en moest ik dingen gaan doen waar ik totaal niet op was voorbereid. Uit een reflex drukte ik op het alarm zodat de zorg snel bij me was en ik me aan kon laten kleden. Voor mijn gevoel lag ik huilend op de grond toen zij binnenkwamen. Mijn hoofd gaf alle aanwijzingen en zo stond ik om 22.15 mijn tanden te poetsen, haren te borstelen en een washand over mijn gezicht te halen. De rest om me heen was complete verwarring. Gelukkig kreeg ik een dichtbij wonend vriendinnetje telefonisch te pakken en zij is direct de auto in gesprongen en met me mee gereden naar pap en mam. In de auto was ik uiterst rustig, we zeiden niet veel. Wat viel er nog te zeggen op dat moment? Bij de flat aangekomen parkeerde ik mijn auto, totale paniek bij het zien van de twee ambulances voor de hoofdingang. Snel naar boven, daar werd nog gereanimeerd, alleen mocht dat niet meer baten. Het reanimeren stopte, mam en ik werden gecondoleerd en de ambulances vertrokken. Pap in zijn eigen bed, stil, sereen. Ondertussen kwamen de broer en schoonzus van pap en de broer en schoonzus van mam binnendruppelen. Mijn beste vriend was ook aangekomen, hem had ik van zijn werk gebeld. De uitvaartondernemer was ook onderweg. Ineens moesten we over allerlei dingen beslissingen maken; de kist, de kleding, wel of niet opgebaard. Er kwamen antwoorden omdat het moest. Nog even bij pap muziek zitten luisteren, de laatste keer dat we nog samen waren. Ik boos, verdrietig en nog een hele warboel aan gemixte gevoelens. Toch voelde ik ook die nabije liefde. Pap werd aangekleed en opgehaald. Ik bleef boven op het balkon, uitzwaaien en zien hoe hij bij ons wegreed deed teveel pijn. Met z’n vieren deden we de afwas terwijl mam met haar schoonzus het bed verschoonde. Er waren weinig woorden, allemaal verzonken in onze eigen gedachten. Overvallen door rouw. Lachen, huilen en stilte losten elkaar steeds af. Mam wilde niet met een van ons mee en ook niet dat er iemand van ons bij haar bleef. We lieten haar alleen achter, met de tranen stromend over mijn wangen gingen wij richting huis. Thuis de nachtdienst opgeroepen een uur aan tafel gehuild, gepraat en stil geweest. Toch even naar bed het was immers als rond vieren. Mijn beste vriend bleef slapen, zijn nabijheid in mijn donkere slaapkamer kalmeerde soms even mijn angst. Na 2 uur het bed uitgeklommen en een vriend wakker gebeld. Stikkend in verdriet en steeds mijn excuses aanbieden omdat ik hem wakker had gemaakt. De ochtend brak aan, familieleden bellen om te vertellen dat het feestje van oma niet door ging. Weer tranen toen de zorg binnen kwam, veilige knuffels. Werk bellen om te zeggen dat ik er maandag niet was, weer bood ik mijn excuses aan omdat ik zo verdrietig was. alle gebeurtenissen somde ik als een robot op. Om 11 uur bij oma, allemaal tollend van de slaap. Geen feest omdat ze 95 werd maar een boodschap die geen moeder kan horen. Ook wij braken en stikte in het verdriet, weer zoveel verbondenheid. De achtergelaten stilte was stil. Een week van rouw die we op vrijdag de 13e afsloten met een crematie. Een jaar met alle eerste keren waarin ik vaak stikte in verdriet. Nu zijn we in alle 2e keren; de rouw is anders, het hoofd is gewend aan de nooit meers, het gevoel is wat te sturen, herinneringen blijven, maar het gemis wordt iedere dag een meer …

Pas 18 maanden,
Pas anderhalf jaar,
Pas weten wat je mist als het er niet meer is,

Altijd houden van tot aan de maan en terug…